
NTSC
2.35:1 anamorf progressief
Japans Dolby Digital
2.0 mono
Engels ondertiteld
Regio 2 UK
produktiejaar
1965
regie:
Masaki Kobayashi
cast:
o.a. Tatsuya Nakadai, Rentaro Mikuni, Katsuo Nakamura
meer info:
review door wim c.

Masaki
Kobayashi (Harakiri) verfilmde met Kwaidan
vier
traditionele
Japanse spookverhalen, zoals ze in het begin van de twintigste eeuw
opgetekend werden door Lafcadio Hearn.
Het
eerste verhaal
heet "The Black Hair" en gaat over een samurai die aan de armoede wil
ontsnappen door te scheiden van z'n zachtaardige echtgenote en een
nieuwe vrouw te
zoeken in een rijke familie. Gevangen in een liefdeloos
verstandshuwelijk, beseft hij na enkele jaren dat hij zijn oude
relatie nooit had mogen opgeven. Hij gaat weer op zoek naar zijn eerste
liefde maar ontdekt op lugubere wijze dat hem daarvan enkel de
herinneringen nog resten...
"The Woman in
the Snow" is het tweede deel en verhaalt over twee houthakkers die
gevangen
raken in een sneeuwstorm. Ze vinden beschutting in een leegstaande hut,
maar toch voelt de oudste van de twee zich langzaam overmand worden
door de bijtende koude. Er verschijnt een spookachtige dame
met wit gelaat aan zijn zijde, die hem zachtjes zijn laatste adem
ontneemt en zich dan naar de jonge houthakker keert. Daar krijgt ze
medelijden mee, en ze zegt hem te zullen sparen - maar nooit mag hij
vertellen over hun ontmoeting of ze zal hem vooralsnog het leven
ontnemen. Dan verdwijnt ze in de nacht. Zal de jongeman zijn geheim
kunnen bewaren?
Het derde
en langste deel, "Hoichi, the Earless", gaat over een blinde luitspeler
die onderdak heeft als hulpje in een tempel. Op een dag wordt hij door
de rusteloze geesten van een oude samurai-familie
gevraagd om elke avond het verhaal te komen reciteren van hun tragische
ondergang. Door dit dagelijks te moeten doen raakt de muzikant
langzaamaan helemaal uitgeput, waarop de monnik van de tempel
probeert hem van zijn kwelling te
verlossen...
De film sluit af met "In a Cup of
Tea". Een oude man ziet in z'n kop thee de reflektie van een
mannengezicht. Als hij de thee aarzelend toch maar opdrinkt, krijgt hij
achteraf bezoek van een geestesverschijning die hem ervan beschuldigt
z'n ziel opgedronken te hebben. De man trekt zijn zwaard en probeert zo
de verschijning te
verjagen, maar later op de nacht krijgt hij nog een tweede bezoek...
Kwaidan
is een visueel snoepfestijn. De sets hebben expressionistische
schilderingen als kleurrijke achtergrond en het krachtige camerawerk
duwt de personages met trage zelfzekerheid in de richting van het
onafwendbare noodlot. Naast de surreële sets wordt een
verdere onthechting in de hand gewerkt door het gebruik van
slow-motion, van een off-screen
verteller en door de bevreemdende soundtrack, waarbij de beelden soms
enkel onheilspellende minimalistische muziek als begeleiding krijgen en
on-set
geluid afwezig blijft of zich beperkt tot expressionistische toetsen
zoals bijvoorbeeld een
plots dichtklappende deur. De belichting is ook wondermooi, Kobayashi
heeft geen terughoudendheid om ze als vertelinstrument te
gebruiken en in het laatste deel haalt hij een paar straffe stoten uit
met
schaduwspel. Een absoluut meesterwerk.

Vroeger
al te vinden als een uitgave van het Criterion-label, krijgt Kwaidan
nu pas de uitgave die de film verdient. In de eerdere versie waren
twintig minuten geknipt, maar op deze uitgave van Eureka in hun Masters
of Cinema-serie staat de drie uur durende film eindelijk integraal.
Het
beeld is
gerestaureerd en vertoont nauwelijks beschadigingen. Hier en daar zie
je wat aliasing en ook edge-enhancement duikt af en toe op, maar dan
ben ik
aan 't muggenziften. Kleuren en kontrast zijn prima, scherpte is goed.
Geluid
is wat minder, met voortdurend gekraak en lichte ruis, maar alles
klinkt heel warm en vol detail. Als extra op het schijfje een stel
trailers en een fotogalerij, en in het doosje een stevig boek van maar
liefst 72
pagina's met de vier verhalen waarop de film zich baseerde, een
interview met Kobayashi en zijn biografie.




